Woorden lijken betrouwbare bondgenoten. Je leert wat ze betekenen, neemt ze op in je woordenschat en gebruikt ze wanneer je net dát woord nodig hebt. Maar taal is niet statisch. Ook woorden blijven eeuwenlang in beweging. Onderweg laten ze betekenissen achter, krijgen ze er nieuwe bij of gaan ze soms zelfs het tegenovergestelde betekenen. Wie oude teksten leest, kan daardoor bekende woorden tegenkomen die zich opvallend vreemd gedragen.

Neem nu stout. Een stout kind heeft iets gedaan wat niet mocht. Maar in het Middelnederlands had een stout kind gewoon heel veel lef. Toen kon stout nog ‘dapper’, ‘vermetel’ of ‘onverschrokken’ betekenen. De stap van moed naar ongehoorzaamheid is kleiner dan hij lijkt: wie veel durft, kan weleens te ver gaan. Net zoals een lefgozer soms over grenzen heen gaat, bleef ook het woord stout niet mooi zijn etiketje dragen. Zo dwong het woord gaandeweg steeds minder bewondering af en leverde het meer afkeurende blikken op.

De oude betekenis zit nog in de schoenen

Toch is die oorspronkelijke betekenis niet helemaal verdwenen. Wie de stoute schoenen aantrekt, doet iets waarvoor moed nodig is. Ook een stout plan kan nog altijd gewaagd of gedurfd klinken, zonder dat het meteen afgestraft moet worden.

Woorden veranderen bovendien zelden overal tegelijk. Oude en nieuwe betekenissen kunnen lang naast elkaar blijven bestaan. Soms blijft de oorspronkelijke betekenis verstopt in oude spreekwoorden en gezegden. En vaak gebruiken we die zonder daar veel bij na te denken.

Aardig was niet altijd vriendelijk

Ook aardig heeft een bewogen verleden. Het woord is afgeleid van aard en betekende vroeger onder meer ‘van goede aard’, ‘mooi’, ‘kunstvaardig’ of ‘vernuftig’. Pas later verschoof de betekenis naar het vertrouwde 'lief' of 'vriendelijk'.

Toch hoor je de originele betekenis nog doorklinken in de uitdrukking 'een aardig woordje kunnen meepraten over iets'. Dat zeg je over iemand die kennis heeft van een onderwerp en dus iets kan bijdragen aan een gesprek. Vernuftig dus.

Maar let op: in sommige dialecten kan aardig ook een iets minder positieve connotatie hebben. Daar kan aardig ook ‘eigenaardig’ of ‘raar’ betekenen. Een aardig persoon genoemd worden, is dus niet overal een compliment.

Van vrolijk naar geil

Het opvallendste voorbeeld van woorden die gaandeweg iets helemaal anders zijn gaan betekenen, is misschien wel geil. Vroeger kon het ‘vrolijk’, ‘dartel’ of ‘uitbundig’ betekenen. Je vindt die betekenis nog steeds terug in het Duits: iets wat 'ganz geil' is, heeft niets met seksualiteit te maken, maar is gewoon superleuk.

Waar komt de hedendaagse betekenis dan vandaan? Geil werd in de loop der tijden steeds vaker gebruikt om vruchtbare grond te beschrijven. Denk aan wilde tuinen met weelderige planten die zo krachtig groeien dat ze alle kanten uitschieten. De stap van die ongeremde plantengroei naar 'ongeremd', 'begerig' en 'wellustig' was niet zo groot. Zo ging mettertijd de onschuldige en lieflijke betekenis van geil verloren en kreeg het de voor ons bekende seksuele lading mee.

De vele levens die woorden leiden

Taal blijft altijd in beweging. Veel woorden leidden vroeger een ander leven dan vandaag. Mensen beginnen bestaande woorden te gebruiken om iets nieuws uit te drukken, en woorden absorberen die connotaties en verliezen gaandeweg hun oudere betekenissen.

Zo komt het dat een positieve eigenschap soms een negatieve karaktertrek wordt, of andersom. En hoewel betekenissen kunnen verdwijnen tussen de plooien van de tijd, blijven oude connotaties soms eeuwenlang leven in een gezegde of spreekwoord zonder dat we daarbij stilstaan.