Als iemand tegen je zegt: ‘ga zitten’, dan klinkt dat streng. Maar voeg er één klein woordje aan toe – ‘ga maar zitten’ – en de toon is meteen heel anders. Zulke kleine woordjes heten partikels. Taalkundige Ton van der Wouden van het Meertens Instituut onderzoekt al decennia deze ongrijpbare, maar onmisbare woorden.
Partikels zijn woorden die weinig lijken te zeggen, maar ondertussen van alles betekenen. Ze zijn vooral in spreektaal belangrijk, legt Van der Wouden uit: “Partikels houden een gesprek levend. Het zijn kleine woorden die de inhoud en lading van een zin subtiel kunnen veranderen.” Zonder deze woorden kunt je kortaf overkomen en loopt communicatie vaak stroever. Van der Wouden noemt ze daarom ook wel de smeermiddelen van onze taal: ze geven nadruk, verzachten bevelen, drukken twijfel uit of maken een zin beleefder.
Soorten partikels
Partikels hebben verschillende functies in onze taal. Taalkundigen onderscheiden over het algemeen drie soorten partikels: focuspartikels, zoals in ‘ik neem alleen de trein naar Amsterdam’, alsof je heel duidelijk wilt maken dat met de auto gaan geen optie is. Dan zijn er de modale partikels, die meer over je stemming vertellen dan over de inhoud: ‘we kunnen natuurlijk ook met de fiets gaan’ klinkt veel vriendelijker dan ‘we gaan met de fiets. En als laatste zijn er nog de discourse-partikels. Deze woordjes geven aan hoe de spreker wil dat de ander de zin begrijpt: ‘nou, de trein is gelukkig op tijd’. Ze sturen de toon en de relatie tussen spreker en luisteraar.

Eeuwenlang genegeerd
Partikels hebben in de taalwetenschap lang weinig aandacht gekregen. Van der Wouden denkt dat dit komt doordat het taalkundig onderzoek naar het Nederlands lange tijd vooral gericht was op geschreven taal. De beschrijving van het Nederlands is grotendeels gebaseerd op Latijnse grammatica, met naamvallen en veel werkwoordvormen, maar weinig partikels. In de 17e eeuw, vertelt Van der Wouden, probeerde men het Nederlands zoveel mogelijk op het Latijn te laten lijken; wat daar niet in paste, zoals partikels, werd als onbelangrijk gezien. Als onze grammatica op het Oudgrieks zou zijn gebaseerd, was er waarschijnlijk meer aandacht besteed aan partikels. Deze taal gebruikt namelijk wel veel partikels. Pas in de twintigste eeuw richtten taalkundigen zich meer op spreektaal. Toen werden partikels ontdekt als belangrijke dragers van nuance en emotie.
Een nachtmerrie voor wie Nederlands leert
Voor moedertaalsprekers zijn partikels vanzelfsprekend. Maar wie Nederlands als nieuwe taal leert, vindt ze vaak ingewikkeld. “Het is hopeloos,” zegt Van der Wouden. “Je weet als moedertaalspreker nauwelijks dat je ze gebruikt, je denkt er niet over na en je kunt ook niet uitleggen wanneer je ze gebruikt.” In veel andere talen spelen partikels een minder grote rol, en omdat hun betekenis vaak niet duidelijk is, is het lastig om ze te beschrijven. “Mensen die Nederlands leren kunnen dan ook niet terugvallen op algemene woordenboeken zoals Van Dale,” zegt Van der Wouden.
Het partikelwoordenboek

Ondanks dat er al sinds de jaren zestig van de vorige eeuw onderzoek wordt gedaan naar partikels, weten taalkundigen nog steeds niet precies hoeveel partikels de Nederlandse taal heeft. “Het valt ook niet te weten hoeveel het er zijn. Niet alleen zijn de grenzen niet duidelijk, er komen ook regelmatig partikels bij, en andere raken uit de mode,” legt Van der Wouden uit. “Het wordt daarom nu toch eindelijk wel eens even tijd om aandacht te besteden aan deze bijzondere categorie kleine woordjes.” Van der Wouden werkt al jaren aan het zogenaamde partikelwoordenboek. Dit is vooral een naslagwerk voor neerlandici, docenten en ontwikkelaars van lesmateriaal. “Die groepen hebben vaak behoefte aan duidelijke uitleg van deze vaak gebruikte, maar lastig uit te leggen woorden,” zegt Van der Wouden.
Dus de volgende keer dat je gedachteloos ‘nou of ‘toch’ in een gesprek gooit, bedenk dan: zonder zulke kleine woordjes zou je een stuk stroever klinken.
Meertens Instituut
Ton van der Wouden (1958) is gastonderzoeker linguïstiek en taalvariatie bij het Meertens Instituut. Wil je meer weten over taal en cultuur in Nederland? Bezoek dan de website van het Meertens Instituut.
Dit artikel werd ons aangeboden door het Meertens Instituut.
